De hervormde vennootschapsfiscaliteit en uw beleggingen

Inleiding

Wie beleggingen aanhoudt in een vennootschap onderworpen aan de Belgische vennootschapsbelasting, moet rekening houden met de gewijzigde vennootschapsfiscaliteit. Door de hervorming zijn meerwaarden op aandelen niet langer belastingvrij, waardoor ondernemers zoeken naar alternatieven om hun beleggingsportefeuille fiscaalvriendelijk te herschikken. Zoals verwacht, hebben de fiscale wijzigingen als gevolg dat de voordien eerder onbekende DBI-bevek (ook wel DBI-fonds genoemd) sterk wint aan populariteit. Hieronder lichten we de gewijzigde regels voor aandelenbeleggingen kort toe en zetten we de fiscale voor- en nadelen van een DBI-bevek voor u op een rijtje.

Beleggen in individuele aandelen fiscaal afgestraft

Als een vennootschap vóór de hervorming van de vennootschapsbelasting een individueel aandeel verkocht met een meerwaarde, werd die meerwaarde doorgaans niet of zeer laag belast. Om van een volledige vrijstelling te genieten, moest uw vennootschap:

• kwalificeren als een KMO;

• de aandelen minstens 1 jaar in volle eigendom aanhouden;

• beleggen in aandelen die voldoen aan de taxatievoorwaarde: kort samengevat, houdt deze voorwaarde in dat de winsten van de vennootschappen waarin men belegt, moeten onderworpen geweest zijn aan een normaal regime van vennootschapsbelasting.

Door de hervorming worden die regels gevoelig verstrengd. Om van een meerwaardevrijstelling op individuele aandelen te kunnen genieten moet u:

• de aandelen minstens 1 jaar in volle eigendom aanhouden;

• beleggen in aandelen die voldoen aan de taxatievoorwaarde zoals hierboven omschreven;

• een participatie van minstens 10% van het kapitaal of met een aanschaffingswaarde van minimum 2,5 miljoen euro aanhouden in de vennootschap waarin u belegt.

Bovendien blijven minderwaarden op aandelen niet aftrekbaar. Op de successen wordt u belast, terwijl u anderzijds de eventuele verliezen niet in aftrek mag brengen.

Voor ‘klassieke’ fondsen en obligaties wijzigde er niets aan de fiscale regels. Die worden dus identiek belast als voordien. Ten gevolge van de gewijzigde regels is beleggen in individuele aandelen fiscaal niet meer interessant, tenzij u de mogelijkheid heeft om zeer grote participaties te nemen. Zelfs als u die mogelijkheid heeft, wordt het inrichten van een gespreide aandelenportefeuille in een vennootschap een grote uitdaging.

DBI-bevek: onbekend, maar niet onbemind

Een DBI-bevek is een beleggingsfonds in de vorm van een vennootschap. Dit fiscaalvriendelijke beleggingsfonds moet aan een aantal voorwaarden voldoen. Zo moet er bijvoorbeeld voorzien worden in een jaarlijkse uitkering van minstens 90% van de verkregen inkomsten en moet de fondsbeheerder zorgen dat dat ‘goede’ inkomsten zijn: dat zijn dividenden en meerwaarden die zelf aan de DBI-voorwaarden voldoen. De fiscale kopzorgen worden doorgeschoven naar de fondsbeheerder.

Aan een DBI-bevek zijn de volgende fiscale voordelen verbonden:

  • De inkomsten (dividenden) die u uit uw belegging in de DBI-bevek ontvangt, komen in aanmerking voor DBI-aftrek en de behaalde meerwaarden zijn niet onderworpen aan de vennootschapsbelasting. Met andere woorden: zowel de dividenden als de meerwaarden zijn volledig vrij van vennootschapsbelasting.
  • U mag de belegging op eender welk ogenblik van de hand doen zonder er fiscaal voor afgestraft te worden: er geldt geen minimum houdperiode.
  • De participatie van 10% of de instapdrempel van 2,5 miljoen euro die geldt voor beleggingen in individuele aandelen, is niet van toepassing wanneer u belegt in een DBI-bevek.

U kan van de fiscale vrijstelling genieten, ongeacht de grootte van uw inleg in de DBI-bevek. Belangrijk om te vermelden, is dat er ook een aantal fiscale nadelen verbonden zijn aan een DBI-bevek:

  • Minderwaarden zijn niet aftrekbaar. Dit nadeel geldt echter ook voor beleggingen in individuele aandelen of in ‘klassieke’ fondsen.
  • Als u van het verlaagd tarief voor KMO-vennootschappen geniet, moet u bovendien opletten dat uw beleggingen in individuele aandelen en fondsen (zowel ‘klassieke’ fondsen als DBI-fondsen) een bepaalde grens niet overschrijden. Bij te omvangrijke beleggingen in aandelen en fondsen, kan u het voordeel van dat verlaagde tarief verliezen.
  • In tegenstelling tot individuele aandelen en ‘klassieke’ distributiefondsen, moet een belegging in een DBI-fonds afgetrokken worden van de berekeningsbasis van de notionele interestaftrek. Daardoor waren DBI-fondsen in het verleden minder populair. Gezien de wijzigingen in het tarief en de berekeningsbasis van de notionele interestaftrek, speelt dat fiscale nadeel op heden nauwelijks nog een rol.

Schematisch overzicht

Hieronder vindt u een schematisch overzicht van de impact van de hervormde vennootschapsfiscaliteit op beleggingen in individuele aandelen en in fondsen in vennootschapsvorm.


Aandelen‘Klassieke’ bevek

Dividenden belast

Dividenden belast

belast (tenzij minimale houdperiode + minimumparticipatie + taxatievoorwaarde)belast

volledig vrijgesteld (in de mate dat afkomstig van aandelen die DBI-proof zijn)

Meerwaarden belast

belast (tenzij houdperiode + minimumparticipatie + taxatievoorwaarde)belast

volledig vrijgesteld (in de mate dat afkomstig van aandelen die DBI-proof zijn)

Minderwaarden

niet aftrekbaarniet aftrekbaar

niet aftrekbaar

Houdperiode

min. één jaarniet relevant

geen

Minimumparticipatie

10% of 2,5 MIOniet relevant

geen

Correctie NIA

neeja, indien kapitaliserend

ja

Mogelijks impact verlaagd tarief

jaja

ja


Wenst u meer informatie over de impact van de hervormde vennootschapsbelasting op de portefeuille van uw vennootschap?

Wil u weten welke oplossingen Dierickx Leys Private Bank u kan aanbieden?

Neem dan contact op met uw beheerder of contactpersoon op het nummer +32 3 241 09 99.